Wikia


In de Rooms-katholieke Kerk zijn de verplichte feestdagen of geboden feestdagen de feestdagen die niet op een zondag vallen en waarop de gelovigen verplicht zijn de mis bij te wonen. Het Kerkelijk Wetboek van 1983 bepaalt dat er in de hele Kerk 10 verplichte feestdagen zijn :

  1. Maria Onbevlekte Ontvangenis (8 december)
  2. Kerstmis (25 december)
  3. Maria Moeder van God (1 januari)
  4. Driekoningen (6 januari)
  5. H. Jozef (19 maart)
  6. HH. Petrus en Paulus (29 juni)
  7. Maria Hemelvaart (15 augustus)
  8. Allerheiligen (1 november)
  9. Hemelvaart (40 dagen na Pasen)
  10. Corpus Christi (60 dagen na Pasen)

De bisschoppenconferentie van een bepaald land of streek is bevoegd om, met de toestemming van het Vaticaan en naar gelang van de lokale omstandigheden, een kleiner aantal op te leggen of sommige dagen te verplaatsen naar een andere dag.

In België zijn er 4 verplichte feestdagen : Kerstmis, Hemelvaart, Maria Hemelvaart en Allerheiligen.

In Nederland zijn er slechts twee verplichte feestdagen: Kerstmis en Hemelvaart. Omdat Maria-Tenhemelopneming en Allerheiligen in de jaren 1960 niet meer als vrije dag gevierd worden, zijn het geen verplichte feestdagen meer en werden deze hoogfeesten gedurende enige tijd verplaatst naar de zondag. De Nederlandse bisschoppen hebben echter met ingang van 1 januari 1991 besloten beide feesten terug te vieren met een eucharistieviering op de dag zelf op een tijdstip waarop veel gelovigen aanwezig kunnen zijn.

Driekoningen wordt in beide landen verplaatst van 6 januari naar de eerste zondag na 1 januari en Sacramentsdag naar de eerstvolgende zondag (tweede zondag na Pinksteren).

Zie ookEdit

Community content is available under CC-BY-SA unless otherwise noted.